Wijzigingsformulier

Verandert er iets in je situatie? Laat het ons dan zo snel mogelijk weten.
Wijziging doorgeven met DigiD
afbeelding Wijzigingsformulier

Geef veranderingen in je situatie altijd door. Dat doe je met het wijzigingsformulier. Om het formulier te gebruiken log je in met DigiD. Heb je een partner en ontvangen jullie samen een uitkering?Dan moet je partner ook inloggen met DigiD. Jullie geven de wijziging dan samen door.

Werkwijze

  1. Klik op de knop ‘Wijzigingen doorgeven’ bovenaan deze pagina
  2. Log in met DigiD. 

Deze veranderingen moet je altijd doorgeven 

  • Je woon- of leefsituatie verandert (bijvoorbeeld samenwonen, iemand komt of gaat).
  • Jij of je partner start of stopt met werken.
  • Jij of je partner krijgt inkomsten anders dan loon (zoals een andere uitkering, alimentatie of huurinkomsten).
  • Jij of je partner krijgt meer vermogen (zoals spaargeld, erfenis, kunst, aandelen, cryptogeld).
  • Jij of je partner koopt of verkoopt een voertuig.
  • Jij of je partner start of stopt met een opleiding.
  • Jij of je partner komt in detentie.

Weet je niet zeker of je iets moet melden?

Kies dan in het formulier voor ‘anders’ en leg je wijziging uit.

Je gaat (weer) werken

  • Ga je werken? Geef dit dan altijd op tijd door aan je rechtmatigheidsconsulent.
  • Werk je parttime? Dan vullen wij je loon aan tot de bijstandsnorm. Je stuurt dan ook iedere maand de inkomstenverklaring met documenten zoals een loonstrook. Daarna maken wij je uitkering over.
  • Weet je nog niet of je inkomen hoger of lager is dan je uitkering? Ook dan vul je de inkomstenverklaring in.
  • Blijkt dat je inkomen meerdere maanden hoger is dan je uitkering? Dan stoppen we je uitkering.
  • Blijf de inkomstenverklaring altijd inleveren, ook als je denkt dat je geen uitkering meer nodig hebt. 
    Doe je dit niet? Dan loopt je uitkering door terwijl dat niet nodig is. Je kunt dan een waarschuwing of boete krijgen, omdat je je inlichtingenplicht niet nakomt.

Je verliest je werk

  • Verlies je je werk binnen een maand na het stoppen van je uitkering?
    Neem dan contact op met je rechtmatigheidsconsulent. Die kan je uitkering herstellen.
    Lever dan je loonstroken in van de periode dat je hebt gewerkt.
  • Verlies je je werk later dan één maand na het stoppen van je uitkering?
    Dan moet je een nieuwe uitkering aanvragen. Soms kan dat via een verkorte procedure.
    Het hangt af van de reden waarom je je werk bent kwijtgeraakt. 
  • In sommige gevallen krijg je eerst een uitkering van het UWV, zoals:
    • een ziektewet-uitkering (ZW)
    • een werkloosheidsuitkering (WW)
      Deze uitkeringen gaan voor op de bijstandsuitkering. Is je UWV-uitkering lager dan de bijstandsnorm? Dan kun je een aanvulling aanvragen.
  1. Geef eerst je verhuizing online door aan de gemeente (DigiD verplicht) of bel 14 103 voor een afspraak.
  2. Geef daarna met het wijzigingsformulier (knop bovenaan deze pagina je nieuwe adres door aan de afdeling Werk & Inkomen. 

Verhuis je binnen Tilburg?

Dan vragen wij om extra gegevens, zoals je huurcontract en een bewijs van betaling.
We moeten namelijk controleren of je nieuwe woonsituatie invloed heeft op je uitkering.

Verhuis je naar een andere gemeente?

Dan stopt je uitkering in Tilburg. Je kunt een nieuwe uitkering aanvragen bij de gemeente waar je gaat wonen.

Is je kind 27 jaar of ouder? Gebruik dan het wijzigingsformulier om ons te laten weten dat je kind niet meer op jouw adres woont. Je rechtmatigheidsconsulent kijkt of dat invloed heeft op je uitkering.

Een medebewoner is iemand die op jouw adres woont, maar niet je kind of partner is. Gebruik het wijzigingsformulier om het ons te laten weten als:

  • iemand bij je komt wonen of 
  • een medebewoner verhuisd en dus jouw adres verlaat. 

Wij kijken dan na of dit invloed heeft op je bijstandsuitkering.

Heb je een nieuw bankrekeningnummer en ontvang je een bijstandsuitkering?
Vul dan het formulier ‘Wijziging bankrekeningnummer’ in.
Aan het einde van het formulier voeg je een digitaal dagafschrift van je nieuwe rekening toe.
Zorg dat je dit document digitaal klaar hebt staan, voordat je begint.

Je gaat samenwonen

Dan moet je samen een uitkering aanvragen. We kijken of jullie recht hebben op een gezamenlijke bijstandsuitkering.
De bijstandsnorm voor samenwonenden is €2.002,13 per maand (inclusief vakantiegeld). Het inkomen van je partner telt mee. Hebben jullie samen meer inkomen dan de norm? Dan stopt je uitkering.

We kijken ook naar jullie vermogen.
Is dat in 2026 meer dan € 16.000,00? Dan hebben jullie geen recht op een uitkering. 

Samenwonen op proef: kennismakingsperiode

Samenwonen kan spannend zijn. Daarom kun je het eerst op proef proberen, voor maximaal 6 maanden. Je uitkering verandert dan niet.
Wil je meedoen? Neem contact op met je rechtmatigheidsconsulent. Die bespreekt de voorwaarden met je.

Voorwaarden voor samenwonen op proef

  • Je doet de aanvraag samen met je partner, ook als je partner geen uitkering heeft.
  • We hebben gegevens nodig van jullie allebei.
  • Jullie houden tijdens de proefperiode allebei je eigen adres.
  • Informeer je verhuurder(s) over de proefperiode.
  • Jullie hebben niet eerder samengewoond, hebben geen kind samen, zijn niet gehuwd geweest en hebben geen samenlevingscontract.
  • Je ben je niet aan het voorbereiden voor een huwelijk of geregistreerd partnerschap.

Ga je scheiden? Geef dit dan door via het wijzigingsformulier.
Wij doen dan een onderzoek om te kijken of jullie allebei recht hebben op een uitkering.
Hoeveel dat is, hangt af van jullie situatie. Wonen jullie nog samen? Of is één van jullie al verhuisd? En waarheen?

Een gezamenlijke uitkering wordt vaak op één rekeningnummer uitbetaald.
Daarom is het belangrijk dat jullie allebei je eigen rekeningnummer doorgeven.
Gebruik hiervoor het formulier ‘Bankrekening wijzigen’. Stuur ook een bewijs van je rekening mee, bijvoorbeeld een foto van je bankpas.

Daarnaast is het belangrijk dat de echtscheiding officieel wordt uitgesproken door de rechtbank.
Pas dan staan jullie niet meer als gehuwd geregistreerd.

Veranderingen voor je uitkering

Alleenstaande ouder

Wordt je kind 18 jaar? Dan ben je volgens de wet geen alleenstaande ouder meer, maar alleenstaand. 
Je uitkering blijft hetzelfde, maar je mag minder vermogen hebben.

  • Als alleenstaande ouder mag je maximaal € 16.000 hebben.
  • Als alleenstaande is dat € 8.000.

Dat komt omdat het vermogen van minderjarige kinderen meetelt. Zodra je kind 18 is, telt dat niet meer mee. Daarom doen wij een onderzoek naar je vermogen als je jongste kind 18 wordt. 

Is je vermogen te hoog? Dan stoppen we je uitkering tijdelijk.

Gehuwd met kinderen

Wordt je jongste kind 18 jaar? Dan verandert er niets aan je uitkering of vermogensgrens.

Andere veranderingen

Als je kind 18 wordt, verandert er sowieso veel. Bijvoorbeeld:

  • Je krijgt geen kinderbijslag meer.
  • Het kindgebonden budget stopt.

Heeft je kind geld nodig?

Dan kan hij of zij vanaf 18 jaar zelf een bijstandsuitkering aanvragen.

Woont je kind bij jou en wordt hij/zij 27 jaar?
Dan verandert er iets voor je uitkering, behalve als je kind nog studeert. Studeert je kind nog? Dan blijft je uitkering hetzelfde.

Studeert je kind niet meer?

Dan zien we je kind als kostendeler. Dat betekent dat hij/zij mee moet betalen aan de vaste lasten. Je uitkering wordt dan verlaagd. Dit heet de kostendelersnorm. Het maakt niet uit of je kind wel of geen inkomen heeft. Kan je kind niet werken? Dan kan hij/zij misschien zelf een uitkering aanvragen.

Hoeveel krijg je met de kostendelersnorm?

2 personen (jij + 1 kostendeler): €1.001,07 per maand inclusief vakantiegeld
3 personen (jij + 2 kostendelers): € 867,59 per maand inclusief vakantiegeld
4 personen (jij + 3 kostendelers): € 800,85 per maand inclusief vakantiegeld

Stopt je kind (of andere medebewoner) met studeren?
Dan zien wij hem of haar vanaf dat moment als kostendeler.
Dat betekent dat je uitkering lager wordt, omdat je samen de kosten deelt.

Geef dit op tijd aan ons door via het wijzigingsformulier (klik op de roze knop bovenaan deze pagina).
Zo voorkom je dat je te veel uitkering krijgt en later moet terugbetalen.

Een erfenis telt als vermogen. Je mag een bepaald bedrag aan vermogen hebben zonder dat dit invloed heeft op je uitkering.

  • Is de erfenis lager dan de grens? Dan verandert er niets.
  • Is de erfenis hoger dan de grens? Dan stoppen we je uitkering tijdelijk.
  • Je moet dan eerst leven van je erfenis. Dit heet interen.
  • Pas als je vermogen weer onder de grens komt, kun je opnieuw een uitkering aanvragen.

Geef je erfenis op tijd door

Verwacht je een erfenis? Geef dit dan direct door via het wijzigingsformulier. Een erfenis wordt vaak pas later uitbetaald. Tot die tijd loopt je uitkering gewoon door.

Ontvang je pensioen? Geef dit dan altijd aan ons door via het wijzigingsformulier.

  • Maandelijkse pensioenuitkering zien wij als inkomen. Dit bedrag halen we af van je uitkering.
  • Koop je je pensioen af (je krijgt het in één keer)? Dan zien wij dit als vermogen.

Let op: soms geldt een uitzondering. Bijvoorbeeld bij een nabestaandenpensioen. Dan kunnen we de afkoop toch als inkomen zien.

Je bereikt de AOW-leeftijd

Als je de AOW-leeftijd bereikt, heb je geen recht meer op een bijstandsuitkering.
Je moet dan een AOW-uitkering aanvragen bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

Ben je gehuwd en krijgt jij of je partner AOW?
Dan heeft de ander ook geen recht meer op bijstand.

Is je AOW-uitkering te laag? 
Dan kun je bij de SVB een aanvulling aanvragen.
 

Je mag maximaal voor € 1.200,- per jaar aan giften ontvangen. 
Krijg je meer? Dan wordt het gedeelte boven de € 1.200,- bij je vermogen opgeteld.

Een gift is iets wat je eenmalig krijgt.
Als iemand je elke maand geld (of boodschappen) geeft, dan zien wij dit niet meer als gift.
We kunnen het dan zien als inkomen.

Krijg je een schadevergoeding? Geef dit altijd door.
Soms heeft een schadevergoeding wel invloed op je uitkering, soms niet.
Lever een overzicht in van hoe het bedrag is opgebouwd.
Dat kun je opvragen bij je verzekeraar of je jurist/advocaat.
Wij kijken dan wat dit betekent voor je uitkering.

Op vakantie of naar het buitenland met een uitkering

Je mag maximaal 4 weken per jaar naar het buitenland. Die 28 dagen mag je zelf verdelen. Bijvoorbeeld 2 keer 2 weken. Zaterdag en zondag tellen mee.
Let op: je mag niet 4 weken in december en 4 weken in januari opnemen. Dan ben je te lang weg.
De dag van vertrek telt niet mee, de dag van terugkomst wel.
Geef je afwezigheid altijd door. Online vakantie of verblijf buitenland doorgeven.

Ga je langer dan 28 dagen weg?

Dan moet je je na je vakantie melden. Neem je paspoort en reisbewijs mee. Bijvoorbeeld een boardingpass, hotelrekening of stempel in je paspoort.

  • Meld je op tijd? Dan krijg je weer uitkering.
  • Ben je te lang weg? Dan stopt je uitkering tijdelijk.
  • Meld je niet (op tijd)? Dan kan je uitkering stoppen.